Latijn en Grieks.com
Latijn en Grieks.com
Latijn en Grieks.com

Hellenike > Boek 1

Hoofdstuk 3, tekst A: Vuursignalen op Salamis

1) Dus zo gaat het schip langzaam naar de haven.
2) En Dikaiopolis ziet het licht van de fakkel op Salamis.
3) Dus vraagt de kapitein waar het licht van de fakkel vandaan komt;
4) En vervolgens ziet hij het, en haast zich naar de haven.
5) (wijst naar de haven)
6) Kom eens hierheen en kijk. Want wij naderen reeds de haven.
7) (Kijk naar Salamis)
8) Kom eens, kapitein: ik zie het licht van een fakkel op Salamis.
9) Wat zeg je? Vanwaar komt het licht van de fakkel?
10) Vanwaar? Kijk
11) (ook de kapitein kijkt naar Salamis)
12) Bij Zeus. Jij ziet niet het licht van de fakkel, maar vuursignalen.
13) Wat zeg je? Spreek je over vuursignalen? Bij Zeus.
14) Vooruit kapitein, haast je, haast je en breng ons veilig naar de haven.
15) (ongeduldig)
16) Vrees niet: want ik haast me en het schip draait al naar de haven.
17) Maar waarom haasten wij ons? Is er een één of ander gevaar?
18) Ja bij Zeus. Wij zijn in gevaar, Dikaiopolis, ongetwijfeld.
19) Wij haasten ons, omdat de vuursignalen iets verschrikkelijks duidelijk maken.
20) Wat maken de vuursignalen jullie duidelijk?
21) Ze maken duidelijk, dat de schepen van de Spartanen op ons afkomen.

Statistieken

Vertalingen op de site: 6.849

Nieuw afgelopen maand: 11

Gewijzigd afgelopen maand: 27