Latijn en Grieks.com
Latijn en Grieks.com
Latijn en Grieks.com

Cicero

Catalinarische redevoeringen I, 32 - 33

32. Laten daarom de slechten zich terugtrekken, zich afscheiden van de patriotten, zich verzamelen op één plek, laten zij, kortom, een mening die ik al vaker heb uitgesproken, door een muur van ons afgescheiden worden. Laten zij ophouden de consul in zijn eigen huis te belagen, het spreekgestoelte van de stadspraetor omsingelen, het senaatsgebouw met zwaarden in hun hand belegeren, brandpijlen en fakkels in prepareren om de stad in de as te leggen. Laat, kortom, op het voorhoofd van een ieder te lezen zijn wat hij van de staat denkt. Dit beloof ik u, heren senatoren: de oplettendheid bij ons, consuls, het gezag van uw kant, de dapperheid bij de ridders van Rome, de eensgezindheid onder alle patriotten zal zo groot zijn, dat u ziet dat na het vertrek van Catilina alles is openbaard, aan het licht gebracht, overwonnen, bestraft. Catilina, onder deze voortekenen, ter absolute redding van de staat, tot uw eigen rampspoed en verderf en tot de ondergang van hen die zich met u verplicht hebben tot iedere misdaad en oudermoord, moet u naar uw goddeloze en misdadige oorlog vertrekken.

33. U, Juppiter, die met dezelfde ceremonie door Romulus bent opgericht als deze stad gesticht is, u, die wij in de ware zin des woords Beschermer van deze staat en van dit rijk noemen, zult deze man en zijn bondgenoten ver van uw tempels en die van anderen, van de huizen en muren van de stad, van het leven en bezittingen van alle burgers weren en de mensen die vijanden zijn van de patriotten, vijanden van het vaderland, plunderaars van Italië, die zich aan elkaar verplicht hebben door een pact van misdadigheid en een gruwelijk bondgenootschap, bestraffen.