Latijn en Grieks.com
Latijn en Grieks.com
Latijn en Grieks.com

Fortuna > Boek 3

Hoofdstuk 2, tekst 3B: Jezus voor Pilatus (Mattheus 27.11-30)

1 Jezus echter stond voor de gouverneur. En de gouverneur vroeg hem, zeggend: ‘Ben jij koning der joden?’ Jezus zei hem: ‘U zegt (het).’ En toen hij door de leiders der priesters/opperpriesters en de oudsten werd beschuldigd, antwoordde hij niets. Toen zei Pilatus tegen hem: ‘Hoor je niet hoeveel getuigenissen ze tegen je zeggen?’ En hij antwoordde hem op geen enkel woord, zó dat 5 de gouverneur zich zeer verwonderde. Op de feestdag echter was de gouverneur gewoon één gevangene voor het volk vrij te laten die zij wilden. Hij had echter toen een opvallende/beroemde gevangene, die Barabbas werd genoemd. Toen zij dus waren verzameld, zei Pilatus: ‘Wie willen jullie dat ik voor jullie vrijlaat: Barabbas of Jezus die Christus wordt genoemd?’ Want hij wist dat ze hem uit haat hadden uitgeleverd. Toen hij echter op zijn rechterstoel zat, zond 10 zijn vrouw naar hem een bode, zeggend: ‘Bemoei je niet met die rechtvaardige man. Want ik heb vandaag al veel geleden door het droomgezicht vanwege hem.’ De leiders echter van de priesters en de oudsten haalden het volk over om Barabbas te vragen, Jezus echter te doden. De gouverneur zei hen echter antwoordend: ‘Wie van de twee willen jullie dat voor jullie wordt vrijgelaten?’ En zij zeiden: ‘Barabbas.’ Pilatus zei tot hen: ‘Wat moet ik dus doen met Jezus, die Christus wordt genoemd?’ Allen zeiden: 15 ‘Hij moet worden gekruisigd.’ Tot hen zei de gouverneur: ‘Want wat voor kwaad heeft hij gedaan?’ Maar zij schreeuwden meer, zeggend: ‘Hij moet worden gekruisigd.’ Toen Pilatus echter zag dat niets opschoot, maar er meer oproer ontstond, waste hij, na water te hebben gepakt, zijn handen voor de ogen van het volk, zeggend: ‘Ik ben onschuldig aan het bloed van deze rechtvaardige man. Jullie zullen (het) zien.’ En het hele volk zei antwoordend: ‘Laat zijn bloed neerkomen op ons en op onze zonen.’ 20 Toen liet hij voor hen Barabbas vrij. Jezus echter leverde hij, na gegeseld te zijn, uit om gekruisigd te worden. Toen hebben de soldaten van de gouverneur, Jezus meenemend naar het paleis, bij hem het hele cohort verzameld. En hem uitkledend, deden ze een donkerrode mantel om hem heen. En een krans van doornentakken vlechtend, plaatsten ze (die) op zijn hoofd en een stok in zijn rechterhand. En met gebogen knieën voor hem, bespotten ze hem, zeggend: ‘Gegroet, koning der joden.’ En spugend naar hem, pakten ze de stok en sloegen (op) zijn hoofd.

Statistieken

Vertalingen op de site: 7.304

Nieuw afgelopen maand: 26

Gewijzigd afgelopen maand: 30