Latijn en Grieks.com
Latijn en Grieks.com
Latijn en Grieks.com

Fortuna > Boek 3

Hoofdstuk 14, tekst B-1A: Het universum is de gemeenschappelijke verblijfplaats van goden en mensen (154-155)

1 Er blijft (nog) over, dat ik uiteenzet en (daarmee) eindelijk eens mijn betoog afrond, dat alles wat op deze wereld is, dat de mensen gebruiken, terwille van de mensen is gemaakt en tot stand gebracht. In de eerste plaats is de wereld gemaakt terwille van de goden en de mensen en dat, wat er op is, is gemaakt tot voordeel van de mensen en (daarvoor) uitgevonden. Immers het heelal is als het ware het gemeenschappelijk huis van de goden en de mensen of de stad van beiden; want omdat zij alleen de rede hebben, leven zij naar wet en recht. 5 Dus zoals men moet menen, dat Athene en Sparta zijn gesticht terwille van de Atheners en Spartanen en alles, wat in deze steden is, terecht van deze volkeren is, naar men zegt, zo moet men, wat er ook maar in het totale universum is, als bezit van de goden en mensen beschouwen.
Voorts - hoewel de omloop van zon, maan en de overige sterren te maken hebben met de samenhang van de kosmos, toch bieden zij ook een schouwspel aan de mensen: geen enkele aanblik is immers boeiender, geen enkel mooier en meer bevorderlijk voor de rede en de vaardigheid; 10 omdat wij namelijk hun loop afbakenen, kennen wij het regelmatig verloop der tijden en de wisselende fases en veranderingen. Als die aan de mensen alleen bekend zijn, moet men (toch wel) oordelen, dat die terwille van de mensen gemaakt zijn!

Statistieken

Vertalingen op de site: 7.304

Nieuw afgelopen maand: 26

Gewijzigd afgelopen maand: 30