Tekst 9.7: De Galliërs breken het beleg op en trekken Caesar tegemoet (versie 2)
Categorie: Boek > Ovidius en Caesar
(1) De Galliërs, nadat ze door middel van verkenners deze gebeurtenis hadden vernomen, lieten de belegering in de steek, haastten zich met alle troepen in de richting van Caesar. Dat waren ongeveer 60.000 gewapenden.
(2) Cicero vond, nu hem de gelegenheid gegeven was, dankzij dezelfde Vertico, over wie wij eerder hebben verteld, een Galliër die een brief naar Caesar moest overbrengen; hij waarschuwde deze de tocht voorzichtig en nauwgezet uit te voeren; hij schreef uitvoerig in de brief dat de vijanden van hem waren weggegaan en hun hele menigte naar deze hadden gekeerd.
(3) Nadat deze brief omstreeks middernacht was gebracht, stelde Caesar de zijnen op de hoogte en sprak ze moed in om te strijden.