Hoofdstuk 21, tekst B: Cicero's list
Categorie: Boek > Fortuna > Boek 2
In Rome hebben op hetzelfde moment de leiders van de samenzwering de taken op deze wijze verdeeld, dat twee medeplichtigen met veel handlangers tegelijkertijd twaalf geschikte plaatsen van de stad in brand zouden steken en de hele stad in rep en roer zouden brengen. Aan een man droegen zij een misdaad op die zij zelf tevoren niet hadden kunnen uitvoeren: zij gaven hem de opdracht dat hij in deze verwarring Cicero zou doden. Deze stond namelijk als consul alle plannen van hen voortdurend in de weg.
De leiders van de samenzwering hebben zelfs opdracht gegeven, dat jonge mensen van hoge afkomst hun vaders zouden doden en vervolgens temidden van die moord en brand zich snel zouden begeven naar de troepen van Catilina.
Toen was het tijd voor de gezanten van de Allobroges naar hun vaderland terug te keren. Maar de gezanten verlangden eerst op voorschrift van Cicero van de leiders van de samenzwering een schriftelijke bevestiging, om deze naar hun burgers in Gallie te brengen. Zij zeiden dat zij anders niet gemakkelijk hen tot zon grote misdaad konden aanzetten.
De leiders van de samenzwering geven hun dit niets vermoedend. Met deze gezanten sturen zij Titus Volturcius mee, opdat de Allobroges een ontmoeting zouden hebben met Catilina en met hem het verbond zouden bevestigen. Volturcius heeft een brief bij zich voor Catilina.