Latijn en Grieks.com
Latijn en Grieks.com
Latijn en Grieks.com

Via Nova > Boek 2 (Oude Druk)

Hoofdstuk 34, tekst 1: Een Afrikaanse vijand voor de Romeinen

Vader en de jongens beklommen de Collis Hortorum. De jongens gingen nogal snel voort over het steile pad en bereikten als eersten de top van de heuvel. Weinig later heeft vader hen ingehaald en de drie bezagen de lager gelegen stad. Ze waren niet ver af van het monument van de Domitii, waarin Nero was begraven. Tussen de cypressen weerkaatste het marmer van de omheining en van het altaar. Maar aan de andere zijde strekte de stad zich geheel onder hun voeten uit. Wat is onze stad prachtig/Hoe mooi is onze stad, riep Lucius uit. Terecht zeggen ze, dat de stad de prachtigste van de hele wereld is. Kijk, ik zie de rivier de Tiber en de met cypressen versierde grafheuvel van de vergoddelijkte Augustus. De Zonnewijzer van Augustus is niet ver weg, voegt vader eraan toe. En daarvan daan kun je de top van de obelisk zien. Marcus verwondert zich er intussen over dat de stad zo talrijk is aan daken (zo vol staat met huizen). Hij waardeert het dat hij zo'n beroemde stad bewoont. Vervolgens vestigt vader zijn aandacht op de tuinen van Sallustius, die zich tot de berg Ouirinalis uitstrekken. Ze zeggen dat de tuinen met meer standbeelden opgesierd zijn dan de gehele rest van de stad. Ik kan ze persoonlijk niet opsommen. Maar zegt eens: Wat heeft de leraar jullie verteld over Sallustius? Hij heeft ons verteld, antwoordde Lucius, dat Sallustius, voordat hij had besloten de geschiedenis te schrijven, proconsul van Afrika was geweest. En dat hij na, de dood van Caesar, zich in zijn tuinen had teruggetrokken, waar hij zijn boek over de samenzwering van Catilina schreef. En dat hij vervolgens over de oorlog tegen lugurtha een boek had geschreven en vijf boeken Historiae. Hij heeft ons ook ge'zegd dat Tacitus, een vriend van Plinius, hem de meest bloeien de/beloftevolle/invloedrijke auteur van de Romeinse geschiedenis noemde. Heeft hij jullie verteld wie lugurtha was7 Zeker heeft hij ons verteld over lugurtha. Dat hij zeer veel deed maar allerminst over zichzelf sprak. Dat hij, nadat de koning van de NumidiŰrs gestorven was, met de zonen van de koning het koningschap in bezit had gekregen, maar allÚÚn wilde regeren. En dat hij daarom eerst de ene, daarna de andere gedood had. En dat NumidiŰ een aan ons bevriende natie was en dat de Romeinse senaat niet kon dulden dat lugurtha zich zo van het koningschap meester maakte. Daarom, voegt Marcus eraan toe, heeft de senaat de consul aan het hoofd gesteld van de oorlog tegen lugurtha. De leraar zei echter dat de consul lugurtha niet kon overwinnen. En dat later de ons bekende Marius en Sulla naar Afrika gestuurd waren, om lugurtha te overwinnen. En dat zij hem slechts door een list gevangen hadden kunnen nemen. Want dat hij, toen hem alle rijkdommen ontnomen waren, vrede aan de Romeinen had gevraagd, omdat toen voor hem nauwelijks gewapenden overgebleven waren. En dat er een hinderlaag voor lugurtha gelegd was: dat, toen de dag van de bijeenkomst aangebroken was, Sulla zogenaamd uit eerbetoon lugurtha, die ongewapend was (obfiquus}, tegemoet kwam. En dat, nadat het teken gegeven was, soldaten uit de hit tderlaag overal tegelilk aanvielen. En dat, nadat zijn metgezellen gedood waren, lugurtha naar Marius gevoerd werd en daarvandaan door hem naar Rome gebracht. Allen weten dat lugurtha in de gevangenis van Rome door honger gedood is/de hongerdood gestorven is. Dat wat lugurtha betreft, zegt vader. Mochten jullie mij spoedig ook over de samenzwering van Catilina vertellen.