Latijn en Grieks.com
Latijn en Grieks.com
Latijn en Grieks.com

Roma > Boek 2

Hoofdstuk 19, tekst A (DH): De strijd tussen de Horatii en de Curiatii

1a Woorden die te maken hebben met vechten.
b Concurrere; concrepare; horror; perstringere; concursus; vulnerare; pavidus; infestus; integer;
aufugere; victoria.

Let op: het praes. hist. is met een verleden tijd vertaald.

Er werd een teken gegeven en de drielingen raakten slaags.
Wapens kletterden, zwaarden flitsten, een geweldige huiver overviel de toeschouwers.
Meteen bij het eerste treffen werden twee Romeinen gedood, (en) werden drie Albani verwond.
De Albaanse soldaten schreeuwen het uit van vreugde, de Romeinse (soldaten) /
de Romeinen zwegen. Door bange zorgen werden ze vervuld,
5zodra ze de drie Curiatii vijandig rondom de ene Horatius zagen staan.
Toevallig was die ongedeerd. Hij begreep dat hij alleen (in zijn eentje) geen (= niet) weerstand
kon bieden aan drie Curiatii.
Daarom verzon hij een list. Hij vluchtte weg van de plek, waar zijn broers gedood waren.
Terwijl hij vluchtte, keek hij om en zag dat de Curiatii hem met grote tussenruimtes achterna zaten. Een van hen, die de kleinste wond had opgelopen, was al dichtbij.
10Toen stond Horatius plotseling stil en rende terug naar hem.
Met zijn zwaard doodde hij deze Curiatius. Vervolgens wachtte hij de tweede Curiatius op.
Ook deze Curiatius werd door hem gedood.
Tenslotte doodde hij de derde Curiatius op dezelfde manier, tewijl hij hem toesnauwde:
‘Ook jij zult aan mij je leven geven, omdat je mijn broers gedood hebt!’
15Nu waren de Albani stil en juichten de Romeinen van (door) vreugde.
Ze konden nauwelijks geloven dat ze de overwinning hadden behaald.
Vervolgens werd Horatius door de soldaten juichend (door de juichende soldaten) ontvangen.

3a Vident.
b Curiatios.
4aDe laatste Horatius.
bCuriatios; acc. mv.
5(voor: sterven).
6Het duidt op tempo, snelheid.
7Hij rent weg; als hij ziet dat de drie Curiatii hem ieder, al naar gelang ze gewond zijn, volgen,
maakt hij er een gevecht van één tegen één van in plaats van één tegen drie, waarbij hij in het
voordeel is, omdat hij niet gewond is.
8Tum, deinde, postremo.
9Regel 4.
10Omdat de situatie er eerst zo hopeloos voor hen uitzag: twee Romeinen waren gedood,
terwijl de drie Curiatii slechts gewond waren.
11Vaderlandsliefde, moed.
12a Het gevecht van de ene Horatius tegen de drie Albani.
b Er wordt daar in een afgebakende ruimte gevochten. Zo kan Horatius nooit wegrennen.
c Romeinen: er waren er twee gedood.
d Een Romein: hij moet vechten tegen drie.
e De glorieuze strijd van de drielingen Horatii en Curiatii voor het rijk.