Latijn en Grieks.com
Latijn en Grieks.com
Latijn en Grieks.com

Roma > Boek 2

Hoofdstuk 17, tekst B (DH): Amulius grijpt de macht

1aProca, Numitor, Amulius, Rhea Silvia.
b Proca was de vader van Numitor en Amulius. Rhea Silvia was de dochter van Numitor.
2Dat Numitor het rijk krijgt en Amulius de rijkdom.

Zodra Proca zijn leven bee´ndigd had, volgde Numitor (hem) op.
Amulius echter, die de rijkdom bezat, had in feite de macht.
Maar hij wilde meer: hij verlangde te regeren in plaats van zijn broer, (hij verlangde) koning te zijn.
Dus verdreef hij Numitor uit het rijk en doodde zijn zoon.
5Maar dat was (nog) niet voldoende.
Rhea Silvia, de dochter van Numitor, dwong hij Vestaalse maagd te zijn.
Maar toch was Amulius niet gelukkig.
Nachtelijk dromen, waarin (in welke) het beeld van Numitor verscheen, maakten hem bang.
10Overdag beschermden veel soldaten hem, omdat hij een hinderlaag vreesde.
Hoewel hij alles, wat hij begeerd had, bezat, leidde hij een ongelukkig leven.


3Cupivit
4Coegit.
5a Terrebant.
7Want.
8Zo kon de zoon zijn vader (Numitor) niet wreken en hem (Amulius) verdrijven.
9a Vestaalse maagden moesten een kuis leven leiden. Rhea Silvia zou dus geen kinderen krijgen,
die Amulius van de troon zouden kunnen stoten.
b Dat hij van de troon gestoten of vermoord zal worden.
10Angst (en schuldgevoel?).
11Ja. Numitor, de kalme en goede jongeman, heeft zich kennelijk zonder veel verzet laten verdrijven.
Amulius bleek inderdaad woest en begerig naar macht.