Latijn en Grieks.com
Latijn en Grieks.com
Latijn en Grieks.com

Pallas > Druk 2: boek 1

Hoofdstuk 10, tekst B: taaloefening

A
1. haar eten
2. heerser, hoor hem/het
3. hun rampen
4. geef hen een maaltijd
5. hij is van plan haar weg te sturen
6. meld hun het volgende, vrienden
7. zij overtuigen hem niet
8. het interesseert hen

B
1. De maaltijd interesseert Patroklos.
2. Achilles zit dichtbij de zee.
3. De mannen zijn blij met de beste wijn.
4. Matrozen, vaart niet naar het eiland.
5. Bekommer je ook om het leven van haar/haar leven.
6. Bodes, meldt aan de soldaten de waarheid.
7. Vertrouw de woorden van hen/hun woorden niet vreemdeling.
8. Hij zegt: vrienden, wees bereid de vreemdelingen te helpen.
9. De legeraanvoerders hebben door de dood van hen/hun dood veel verdriet.
10. Kinderen, luister altijd naar de beste vriend.