Latijn en Grieks.com
Latijn en Grieks.com
Latijn en Grieks.com

Pallas > Druk 1: boek 3

Hoofdstuk 3 Loukios of de ezel 1A: Een tovenares aan het werk

Palaistra kwam mij niet veel dagen later vertellen, dat haar meesteres nadat zij een vogel was geworden naar haar minnaar zou vliegen. En ik zei, ‘nu is het juiste tijdstip, Palaistra, om mij een dienst te bewijzen, waarmee je nu je smekeling kan laten ophouden met langdurig verlangen. ‘Wees gerust’ zei ze. En toen het avond was, bracht ze mij, nadat ze mij meegenomen had naar de deur van de slaapkamer, waar zij sliepen, en ze verzocht me een of andere smalle kier van de deur te naderen en de dingen die binnen gebeurden te bekijken. Ik zag nu dat de vrouw zich uitkleedde. Toen zij daarna naakt de lamp was genaderd en twee wierrookkorrels had genomen, legde ze de wierook in het vuur van de lamp en nadat zij was blijven staan sprak ze een lange toverformule uit over de lamp; daarna, nadat ze een grote houten kist had geopend, die veel doosjes in zich had, nam ze er één daarvandaan uit en haalde er één tevoorschijn; ik wist niet wat er in het doosje zat, zo te zien scheen dat olijfolie te zijn. Nadat ze hier uit had genomen smeerde ze zich helemaal in, nadat ze beneden bij de nagels begonnen was, en plotseling groeiden er vleugels aan haar, en haar neus werd van hoorn en krom, en ze had alle andere bijzonderheden en kenmerken van vogels’en ze was niets anders dan een nachtraaf. Toen ze zag dat zijzelf van vleugels was voorzien, kraste ze verschrikkelijk, zoals ook die raven doen, en, nadat zij was gaan staan, vloog ze weg door het venster.