Latijn en Grieks.com
Latijn en Grieks.com
Latijn en Grieks.com

Pallas > Druk 1: boek 3

Hoofdstuk 10 Demosthenes Neaira 1C: Stefanos neemt Neaira mee naar Athene

Nadat hij haar moed in sprak in Megara, maakte hij haar wijs dat hij er van zou als Frynion haar zou aanraken, waarbij hij beweerde dat hij haarzelf als vrouw zou hebben en de kinderen zou introduceren in een fraterie alsof de kinderen van hemzelf waren en hij zou ze burgers maken en niemand van deze mensen zou haar onrecht aandoen, toen hij Athene bereikte vanuit Megara
samen met haar en drie kleine kinderen, P, A en de dochter die zij Fano noemden. En hij installeerde haar en de kinderen in een huisje dat hij had naast Hermes de fluisteraar, en ze woonden tussen D uit E en K, dat hij nu heeft gekocht van S voor zeven mina's.

Dus het aan Stefanos ter beschikking staande bezit was dit en niets anders; om twee redenen kwam hij met haar om voor niets een mooie hetaire the hebben, en met de bedoeling dat zij door haar werk voor de noodzakelijke inkomsten zou zorgen en (dat ze) het huis zou onderhouden; want voor hem was er geen ander inkomen, behalve wat hij (te pakken) kreeg (lett.: pakte) door te chanteren. Nadat Frynion had vernomen dat ze in de stad was en (dat ze) bij hem was nadat hij jongemannen met zich meegenomen had en nadat hij naar het huis van Stefanos gekomen was probeerde hij haar mee te nemen. Nadat Stefanos (haar) volgens de wet in vrijheid had gesteld eiste hij borgtocht van haar bij de polemarch. En dat ik ware dingen/de waarheid spreek zal ik als getuige daarvan/van die dinge voor jullie de toenmalige polemarch in persoon verschaffen. En roep voor mij Aietes uit Keiriades.