Latijn en Grieks.com
Latijn en Grieks.com
Latijn en Grieks.com

Horatius

Oden II, 14 (versie 1)

Ach Postumus, Postumus, de vluchtige jaren glijden voorbij en de vroomheid zal geen uitstel brengen voor de rimpels en de ouderdom die ons op de hielen zit en de ontembare dood.
Je zult hem niet behagen met driehonderd stieren, vriend, zoveel als er dagen zijn, de onvermurwbare Pluto,
die Geryon en Tityos in bedwang houdt in het akelige water, dat door iedereen bevaren moet worden, met welk geschenk van de aarde wij ons ook voeden, hetzij wij koningen zullen zijn, hetzij arme landbouwers.
Tevergeefs zullen wij ons ver van de bloedige oorlog houden en de gebroken golven van de dof klinkende Adriatische Zee, tevergeefs zullen wij telkens in de herfst de zuidenwind vrezen, schadelijk voor onze lichamen:
De doodse Cocytos die al dwalend rondstroomt met een trage stroom en het beruchte geslacht van de Dana´den en Sysiphus, zoon van Aeolides, veroordeeld tot het lange werk moeten bezocht worden.
De aarde en het huis en de bevallige echtgenote moeten verlaten worden, en geen enkele van deze bomen die jij onderhoudt behalve de gehate cypressen zal zijn meester voor korte tijd volgen.
Jouw erfgenaam zal jouw Caecubische wijn, die je met honderd sleutels bewaard, waardiger verbruiken en zal de grond kleuren met jouw superbe wijn, die verkieselijker is dan we maaltijd van de priesters.