Latijn en Grieks.com
Latijn en Grieks.com
Latijn en Grieks.com

Fortuna > Boek 3

Hoofdstuk 16, tekst 5A: Seneca beschuldigd van deelname aan de samenzwering van Piso

1 De gewelddadige dood van Annaeus Seneca volgde, zeer vreugdevol voor de keizer, niet omdat hij ontdekt had dat hij duidelijk betrokken was bij de samenzwering, maar om met het zwaard te werk gaan, omdat vergif geen succes had gehad. Immers Natalis heeft als enige en slechts dit verklaard, dat hij naar de zieke Seneca was gezonden om hem te bezoeken en te klagen waarom hij Piso de toegang weigerde: dat het beter zou zijn als zij hun vriendschap uitoefenden met een vertrouwelijke omgang; en dat Seneca had geantwoord dat gesprekken over en weer en 5 talrijke contacten voor geen van beiden voordelig was: dat overigens zijn gezondheid/behoud afhing van het welzijn van Piso. Gavius Silvanus, tribuun van de Praetoriaanse Garde, kreeg het bevel deze woorden (aan Seneca) over te brengen en Seneca te vragen of hij de woorden van Natalis en zijn eigen antwoord toegaf. Deze was toevallig of met opzet die dag uit CampaniŽ teruggekeerd en had bij de vierde mijlsteen zijn intrek genomen in een landgoed vlak bij de stad. Daarheen kwam de tribuun tegen het vallen van de avond en omsingelde de villa met grote troepen soldaten; toen bracht hij de opdrachten van de keizer over aan Seneca, terwijl hij met zijn vrouw Pompeia Paulina en twee vrienden aan het dineren was.