Latijn en Grieks.com
Latijn en Grieks.com
Latijn en Grieks.com

Fortuna > Boek 3

Hoofdstuk 16, tekst 3C: Anicetus biedt opnieuw uitkomst

1 Haar verschillende praatjes, zowel berekend op angst als op woede, maakten hem bang tegelijk dat hij ze hoorde en maakten hem boos. Maar de verdenking in het geval van de slaaf was te weinig sterk en was door de verhoren van de slavinnen als ongegrond afgewezen. Dus besloot men de bekentenis van iemand te zoeken, aan wie ook de beschuldiging van een samenzwering in de schoenen geschoven kon worden. En geschikt scheen de volbrenger van de moedermoord, Anicetus, commandant van de vloot bij Misenum, zoals ik heb vermeld, van een geringe invloed na de bedreven misdaad, daarna 5 met sterkere haat/sterker gehaat, omdat handlangers van slechte daden worden gezien als levend verwijt. Dus nadat hij ontboden was, bracht de keizer hem zijn vroegere inspanning/dienst in herinnering: dat hij als enige de veiligheid van de keizer tegen zijn intrigerende moeder te hulp was gekomen; dat er zich een gelegenheid voordeed van geen mindere dankbaarheid, als hij zijn gehate echtgenote zou verwijderen. Geen geweld of wapen was nodig: hij moest overspel met Octavia bekennen. Voor het moment beloofde hij hem weliswaar verborgen beloningen, maar grote en een prachtig zomerverblijf, ofwel, als hij zou weigeren, bedreigde hij (hem) met een gewelddadige dood. Hij, met zijn aangeboren gewetenloosheid en met de vanzelfsprekendheid van vroegere 10 schanddaden, verzon meer details dan (hem) bevolen was en bekende (deze) bij vrienden die de keizer als het ware voor advies erbij had gehaald. Toen werd hij naar SardiniŽ verbannen, waar hij niet onbemiddeld zijn ballingschap verdroeg en een natuurlijke dood stierf.