Latijn en Grieks.com
Latijn en Grieks.com
Latijn en Grieks.com

Fortuna > Boek 3

Hoofdstuk 16, tekst 2J: De reacties van Nero

1 Maar door de keizer werd pas nadat de misdaad was gepleegd de omvang ervan begrepen/beseft. De rest van de nacht wachtte hij het licht/de dageraad af, nu eens verstard door de stilte, vaker opstaand uit angst en radeloos, alsof deze zijn ondergang zou brengen. En op initiatief van Burrus gaf als eerste de vleierij van de centurioís en tribunen hem moed, terwijl ze zijn hand grepen en hem gelukwensten, omdat hij ontsnapt was aan een onverwacht gevaar en de misdaad van zijn moeder. Zijn vrienden 5 gingen daarna naar de tempels en nadat het voorbeeld was gegeven, betuigden de dichtstbijzijnde municipia van CampaniŽ met offers en deputaties hun blijdschap. Zelf was hij met een tegenovergestelde huichelarij bedroefd, en alsof hij verbitterd was over zijn eigen redding en huilend om de dood van zijn moeder.
Omdat echter niet, zoals de gezichten der mensen, zo (ook) het uiterlijk der plaatsen veranderen, en (hem) steeds voor ogen kwamen de sombere aanblik van die zee en kusten (en er waren mensen die geloofden dat trompetgeschal werd gehoord op de hoge heuvels in de omtrek en weeklachten van zijn moeder), begaf hij zich naar Napels en zond hij een brief aan de senaat, 10 waarvan de hoofdzaak was dat Agerinus, een van de vertrouwdste vrijgelatenen van Agrippina, als moordenaar met een zwaard werd aangetroffen, en dat zij boete had gedaan uit schuldbewustzijn, omdat zij de misdaad had beraamd.