Latijn en Grieks.com
Latijn en Grieks.com
Latijn en Grieks.com

Fortuna > Boek 2 nieuwe druk

Hoofdstuk 30, tekst B: De wijze en de dood

Ik begrijp niet, waarom jij zou klagen over de dood van de filosoof Metronax en waarom gemeend zou worden dat hij te vroeg gestorven is. Het gebeurt dagelijks, dat wij klagen over de dood. Wij begrijpen niet, waarom het Lot een of andere jongeman in het midden van zijn leven rooft en waarom een of andere oude man niet wordt beroofd (van zijn leven). Maar ik vraag je wat het uitmaakt wanneer wij sterven. Er moet niet voor gezorgd worden dat wij lange tijd leven, maar dat wij voldoende leven: welke man een welbesteed leven heeft, leeft lange tijd. Jij vraagt: Zeg ons op welke manier het leven gevuld moet worden. Ik zal antwoorden: Het is noodzakelijk dat we wijsheid bereiken. Als iemand tachtig jaar inactief leeft, sterft hij niet laat, maar is hij al lange tijd gestorven. Onze Matronax stierf in de kracht van zijn leven, maar de plichten van een goede burger, een goede vriend en een goede zoon zijn uitgevoerd. Hij, hoewel hij met zijn leeftijd onvoltooid is, heeft zijn leven toch voltooid. Want wie voortleeft in herinnering, leeft. Wil jij weten wat het verschil is tussen het n en het ander? De n leeft ook na de dood, de ander sterft voor zijn dood. Jij vraagt wanneer iemand een volmaakt leven door zou brengen. Ik zeg jou: wie wijs is geworden, heeft zijn hoogste doel bereikt. Dan maakt het niets meer uit wanneer hij sterft.