Latijn en Grieks.com
Latijn en Grieks.com
Latijn en Grieks.com

Examenboeken > 2009: Ovidius als verteller

Galatea neemt Scylla in vertrouwen Met. 13.730-48

730 Scylla maakt de rechterkant onveilig, de rusteloze Charybdis de linker; zij verzwelgt de [door haar] geroofde schepen en braakt ze weer uit, de ander omgeeft haar donkere onderbuik met wilde honden, [maar] zij heeft (hebbend) het gezicht van een meisje en, als dichters niet alles verzonnen hebben achter-gelaten, is zij ook op een zeker tijdstip een meisje geweest. Vele vrijers
735 hebben achter haar aangezeten; nadat dezen [door haar] waren afgewezen, ging zij naar de nimfen van de zee, zeer welkom aan de nimfen van de zee, en vertelde over de verlangens van de jongemannen die [door haar] ontweken waren. Tot haar, terwijl zij heur haren laat kammen, spreekt Galatea
740 herhaaldelijk zuchtend met deze woorden: ‘Toch, meisje, maakt jou een niet hard soort van mannen het hof en je kunt straffeloos nee zeggen tegen hen, zoals je [ook] doet. Maar ik, die Nereus tot vader heb, (ik) die de zeeblauwe Doris heeft gebaard, ik die ook veilig ben door een stoet van zusjes, ik kon slechts (niet tenzij) met veel verdriet ontkomen aan de liefde van de Cycloop’ –
745 en tranen belemmerden haar stem terwijl zij sprak (de stem van de sprekende). Toen het meisje deze met haar hand (duim) blank als marmer had weggeveegd en de godin had getroost, zei zij: ‘Vertel, zeer dierbare, en verberg niet (zo betrouwbaar ben ik) de oorzaak van jouw verdriet.’