Latijn en Grieks.com
Latijn en Grieks.com
Latijn en Grieks.com

Examenboeken > 2009: Ovidius als verteller

De belofte Met. 7.86-99

Zij kijkt (naar hem) en houdt haar ogen strak gericht op zijn gezicht alsof zij dat toen pas voor het eerst zag (dat toen pas gezien was) en buiten zinnen meent ze dat zij geen menselijk gelaat ziet en ze wendt zich niet van hem af. Maar zodra de vreemdeling (en) begon te spreken en haar rechterhand pakte en met
90 gedempte stem om hulp vroeg en een huwelijk beloofde, zegt zij nadat zij haar tranen heeft laten stromen: ‘Ik zie wat ik doe en niet zal onwetendheid van het juiste (het ware) mij misleiden, maar de liefde. Jij zult gered worden door mijn gunst; doe dan wel je beloften gestand als je [eenmaal] gered bent!’
95 Hij zweert bij de eredienst van de drievormige godin en bij de goddelijke macht die zich in dat heilige woud bevond en bij de alles ziende vader van zijn toekomstige schoonvader en bij zijn succes in (en) de zo grote gevaren (die hij liep); geloofd op zijn woord (geloofd zijnde) kreeg hij onmiddellijk de betoverde kruiden en leerde hij het gebruik kennen en verheugd ging hij terug naar zijn verblijven.