Latijn en Grieks.com
Latijn en Grieks.com
Latijn en Grieks.com

Examenboeken > 2007: Aeneas Vergilius

6 5b. Aeneas wordt vergeleken met een eik (437-449)

Met zulke woorden smeekte zij en de zeer ongelukkige zuster brengt zulke jammer klachten over en brengt ze nog eens over. Maar hij wordt door geen enkele klacht bewogen en niet luistert hij toegeeflijk/begripvol naar enige woorden; 440 het Met zulke woorden smeekte zij en de zeer onge-lot staat in de weg en de god blokkeert de welwillende oren van de man. En zoals wanneer de Noorderwinden van de Alpen met elkaar wedijveren om een krachtige eik van oud hardhout met windvlagen nu eens van de ene kant dan weer van de andere kant te ontwortelen; het gekraak neemt toe en het gebladerte bedekt als een dik bed de grond, wanneer de stam heen en weer is geslingerd; 445 de boom zelf zit vast in de rotsen en zover als hij met zijn kruin naar de lucht van de hemel reikt, zóver strekt hij met zijn wortel zich naar de Tartarus uit: precies zo wordt de held door aanhoudende woorden van alle kanten bewerkt en in zijn grote hart voelt hij intens zijn zorgen; zijn geest blijft onbewogen, tranen vloeien tevergeefs.