Latijn en Grieks.com
Latijn en Grieks.com
Latijn en Grieks.com

Examenboeken > 2007: Aeneas Vergilius

4 4c. Hector spoort Aeneas aan te vertrekken (279-

279 Het eerste scheen ik zelf wenend 280 de man toe te spreken en bedroefde woorden te uiten: ‘O licht/redding van het Trojaanse land, o zeer betrouwbare hoop van de Trojanen, welk zo lang uitstel heeft jou opgehouden? Langverwachte Hector, van welke kusten kom je? Hoe (blij) aanschouwen we jou uitgeput (als we zijn) na vele begrafenissen van de jouwen, na afwisselende ellende van de mensen en de stad! 285 Welke onwaardige oorzaak heeft je knappe gezicht/ gelaatstrekken geschonden? Of waarom zie ik deze wonden?’ Hij zegt niets, noch bekommert zich om mij terwijl ik onbelangrijke vragen stel, maar zwaar uit het diepste deel van zijn borst kreunend zegt hij: ‘Ach, vlucht, zoon van een godin, en red je uit deze vlammen. 290 De vijand heeft de muren (in zijn bezit); Troje stort in vanaf zijn hoge top. Genoeg is gegeven aan het vaderland en Priamus: als Pergamum met de rechterhand verdedigd kon/zou kunnen worden, zou het ook verdedigd zijn met deze/mijn rechterhand. Troje vertrouwt zijn heilige voorwerpen en zijn Penaten jou toe; neem deze/hen als metgezellen van/bij je lotgevallen; zoek voor deze/hen een stad, 295 een grote/machtige, die je tenslotte zult bouwen na rondgezworven te hebben op zee.’ Zo spreekt hij en met zijn handen draagt hij de machtige Vesta met banden getooid en het eeuwige vuur uit het binnenste van de tempel.