Latijn en Grieks.com
Latijn en Grieks.com
Latijn en Grieks.com

Examenboeken > 2007: Aeneas Vergilius

4 3a. Er verschijnen twee afschrikwekkende slangen (195-211)

195 Door dergelijke listen en de leugenachtige kunst van Sinon werd de zaak geloofd, en de Trojanen werden door listen en door onechte tranen misleid die noch zoon van Tydeus/Diomedes noch Achilles uit Larissa en niet tien jaren hebben bedwongen, en niet duizend schepen. Dan doet iets anders, groter en veel meer angstaanjagend/ angstaanjagender, 200 zich aan (ons) ongelukkigen voor en brengt de/onze argeloze harten in verwarring. LaocoŲn, door het lot als priester voor Neptunus aangewezen, offerde een geweldige stier bij het officiŽle altaar. Kijk echter, twee slangen vanaf Tenedos over de rustige zee (ik huiver terwijl ik het vertel) met geweldig grote kronkels 205 glijden over de zee en zetten naast elkaar koers naar de kust; hun borsten opgeheven temidden van de golven en hun bloedrode kammen steken boven de golven uit, het overige deel strijkt van achteren over de zee en kromt de geweldige grote rug(gen) met een welving/in een kronkelende beweging. Er ontstaat geluid doordat de zee schuimt; en reeds bereikten zij de kust, en 210 wat betreft hun brandende/vurige ogen doorlopen met bloed en vuur, likten ze met hun trillende tongen hun sissende bekken.