Latijn en Grieks.com
Latijn en Grieks.com
Latijn en Grieks.com

Examenboeken > 2007: Aeneas Vergilius

4 2c. De waarzegger Calchas wijst Sinon alsslachtoffer aan (122-133)

122 ‘Dan haalt de man van Ithaca waarzegger Calchas onder luid rumoer naar het midden; hij vraagt (dringend) wat die orakels van de goden te betekenen hebben. En al velen voorspelden voor mij een wrede 125 misdaad van de bedrieger, en zagen zwijgend wat zou gaan komen. Hij zwijgt twee maal vijf dagen en zijn gedachten verbergend weigert hij met zijn stem/uitspraak iemand bekend te maken of prijs te geven aan de dood. Met moeite eindelijk, ertoe gebracht door luide kreten van de Ithaciër, verbreekt hij volgens afspraak de stilte en wijst mij aan voor het altaar. 130 Allen stemden ermee in en, (dat) wat ieder voor zichzelf vreesde, lieten ze toe, nu het uitgelopen was op de ondergang van één ongelukkige. De onheilsdag was aanwezig/brak aan, voor mij werden offers in gereedheid gebracht en gezouten gerstkorrels en rondom mijn slapen linten.’