Latijn en Grieks.com
Latijn en Grieks.com
Latijn en Grieks.com

Basis

25, Athene mengt zich in de Siciliaanse politiek

De Spartanen wekten, nadat ze bang waren geworden voor de heerschappij van de Atheners op zee, oorlog op tegen de Atheners en ze vielen Attica binnen. Ieder van beide had veel bondgenoten, bij deze waren kolonisten van de Spartanen en Atheners op Sicilië: de inwoners van Syrakuse waren bondgenoten van de Spartanen maar de inwoners van Segesta van de Atheners. Dus de gezanten van de Segestanen kwamen naar Athene en vroegen de Atheners te hulp te komen door schepen te sturen. Zij zeiden: "Het is schandelijk dat de Atheners tolereren dat de bondgenoten tegenslagen ondergaan door de vijanden. Want de Syrakusers sluiten Segesta met oorlog in, zowel ter land als ter zee. Wij zijn dus bereid geld te geven aan de Atheners voor de oorlog." Nadat zij dat hadden gezegd oordeelden de Atheners het juist, aan de Segestanen te hulp te komen, maar eerst stuurden ze de gezanten naar Segesta: ze droegen aan hen op het geld te bekijken. Terwijl de zomer naderde kwamen de gezanten van de Atheners terug uit Segesta: ook enkele Segestanen waren aanwezig, nadat ze zestig talenten ongemunt zilver hadden verzameld. Nadat de archonten een volksvergadering hadden belegd, meldden de gezanten van de Segestanen dat er nog ander geld gereed was in Segesta na gewezen te hebben op de zestig talenten. Zodra de Atheners dat hadden gehoord besloten zij een expeditie van honderd schepen uit te zenden naar Sicilië. Terwijl de Atheners de expeditie voorbereiden verlangde Alkibiades vooral bevelhebber te zijn wegens het geld: want hij had veel geld uitgegeven aan de renstallen en aan andere uitgaven. En de renstallen van Alkibiades waren erg beroemd in Griekenland door de grote hoeveelheid wagens: want naar de Olympische spelen bracht hij eens zeven wagens, wat eerder geen enkele andere privé-burger deed, zelfds niet een koning. Maar nu met die wagens won hij niet alleen, maar was ook tweede en vierde, zoals Thukidides zegt, en derde, zoals Euripides zegt in een overwinningslied.
"Schoon de overwinning, maar het schoonst , wat geen ander der Grieken , om met de renwagen in de wedstrijd de eerste, én de tweede én de derde prijs te behalen."
En het volk besloot Alkibiades als aanvoerder aan te wijzen.