Latijn en Grieks.com
Latijn en Grieks.com
Latijn en Grieks.com

Aisopos

De visser en het sprotje

Een visser, nadat hij het visnet neerliet in de zee, ving een sprotje.
Omdat zij klein was, smeekte zij hem haar nu niet vast te pakken, maar met rust te laten, omdat zij nog klein was.
"Maar wanneer ik gegroeid ben en groot ben geworden," zei ze, "dan zul je mij kunnen vangen, omdat ik van groter nut voor jou zal zijn."
En de visser zei: "maar ik zou wel stom zijn als ik nadat ik de gevangen buit voorbij heb laten gaan; ook al is hij klein, zou hopen op de toekomstige buit, ook al is die groot.
Het verhaal maakt duidelijk dat degene die door hoop op iets groters de kleine dingen in zijn handen wegzendt, stom is.